Autisme - Asperger

Het syndroom van Asperger is een variant van autisme waarbij, in tegenstelling tot een aantal andere varianten van autisme, de persoon een normale of zelfs hoge intelligentie heeft. Tot Hans Asperger en Leo Kanner rond de jaren '40 van de 20e eeuw onafhankelijk van elkaar ontdekten en herkenden dat een autisme stoornis bij kinderen met normale en hoge intelligentie voorkwam dacht men dat een autisme stoornis altijd samen ging met een mentale achterstand. …

Asperger kenmerkt zich dus door de hoge intelligentie, echter zijn de mensen die aan Asperger leiden vaak wat men in de volksmond noemt excentriek, of einzelgangers. Nu is niet elk intelligent kind dat excentriek is een kind met asperger. Bij kinderen zie je vaak een eenzijdige intresse. Een kind kan alles vertellen over de middeleeuwen en ridders, echter het overzicht op hun dagelijkse leven hebben ze geen inzicht in. Nu kan de intresse wisselen bij kinderen, een periode middeleeuwen, gevolgd door een periode dat de intresse ligt bij de dinosaurussen. Ook zie je die interesse vaak terug in een fanatieke verzamelwoede. Nu is verzamelen voor veel kinderen iets dat erbij hoort, hoeveel kleuters komen niet thuis met stenen in hun broekzakken, en welk kind wil niet een mooie sticker meenemen? De manier waarop verschilt vaak wel met de manier van een kind met Asperger. Het kind met Asperger maakt veel categorieën, en vergelijkingen. Een kind dat geïnteresseert is in honden, gaat ook kijken naar de wolven, en vergelijken. Zal misschien in de historie kijken hoe het zat met honden, en elk hondenplaatje zal een eigen plaats krijgen in het album, een plaats waar die thuishoort door kenmerken. Er wordt een ordening gemaakt die erg belangrijk is. Als iemand dan 2 hondenplaatjes wisselt van plaats is de ordening verstoord. Dit ontregelt het kind met Asperger. Waarom zou je dat dan ook doen? Echter vaak onbewust gebeuren die dingen wel in het dagelijks onderwijs. Ook daar heeft een kind met Asperger behoefte aan een duidelijke structuur.

Naast een verzamelwoede zie je bij kinderen met Asperger vaak ook een bijzonder wijs taalgebruik. Hans Asperger, de persoon die onderzoek deed naar wat hij noemde “kleine professors”, en daarmee het huidige syndroom van Asperger voor het eerst omschreef. Die benaming kleine professors kwam niet alleen voort uit hun hoge IQ, ook hun taalgebruik was opvallend. Veel kinderen met Asperger gebruiken schrijftaal als spreektaal. Hun taalgebruik is dus erg formeel. Dit kan soms op neurotypische mensen (mensen die een normale hersenontwikkeling hebben doorgemaakt hebben, en hierdoor gezien worden als normaal en sociaal aangepast) vreemd, of ongepast voorkomen.

Sociaal ervaart iemand met Asperger ook beperkingen. Het is vaak moeilijk om tussen de regels door te lezen. Bedoelt de persoon nu wat hij zegt of iets anders. Hierdoor wordt sarcasme, of cynisme vaak niet begrepen. De gezichtsuitdrukkingen van mensen worden niet herkend, of niet goed begrepen. Letterlijk en figuurlijk taalgebruik wordt niet goed onderscheiden, meestal worden de figuurlijk bedoelde uitspraken als letterlijk opgevat. Bijvoorbeeld, de juf zegt:”Pietje je hebt een grote mond!” Pietje denkt dan aan een mond die letterlijk bij iemand van oor tot oor loopt, een grote mond dus. Dat de juf bedoelt dat ze Pietje brutaal vind, komt niet bij hem op. Immers het ging toch om de maat van de mond, die is groot. Veel kinderen met asperger leren niet-letterlijk taalgebruik toch te begrijpen. Hun hoge intelligentie helpt hun om dat te leren. Ook de sociale omgangsregels leren ze aan. Het is alleen niet zoals bij mensen zonder een ASS iets dan intuïtief, gevoelsmatig er is. Het is iets dat aangeleerd wordt. Hierdoor blijft het vaak lastig om emoties te verwoorden, met de juiste mimiek en toon. Ook het moment wanneer iets wel en wanneer iets niet gepast is om te zeggen is voor veel mensen met asperger vaak lastig.

Uit bovenstaande kan men niet concluderen dat een kind met Asperger geen emoties heeft. Het kind ervaart wel degelijk emoties, en weet niet goed hoe die te handelen. Het adequaat uiten van de eigen emoties is voor kinderen lastig. Vaak komt het voor dat dingen onverwacht anders gaan dan een kind vooraf denkt. Hierdoor loopt de spanning, of frustratie op, het kind kan de wereld om zich heen niet goed meer begrijpen. De spanning moet er op een of andere manier uit, vaak zie je dan woede aanvallen, agressief gedrag of terugtrekken en vluchten. Voor de buitenwereld kan dat totaal onverwacht komen. Dit is geen opzet van het kind, voor het kind is de wereld zo moeilijk te begrijpen, dat de onmacht eruit komt. Er zijn aanwijzingen dat de kinderen naarmate ze ouder worden, hun eigen handvatten ontwikkelen om hiermee om te gaan.

Ook op het gebied van hoe de wereld ervaren wordt, wat kinderen zien, horen en voelen, wijken kinderen met Asperger af van de niet-autistische kinderen. Ze zijn erg gevoelig voor aanrakingen, sommige kinderen kunnen vleermuizen horen, ze horen de tv piepen. Kinderen zijn gevoeliger voor licht, ze zien de TL-buizen knipperen.De tv knippert, autolichten knipperen. Kinderen kunnen hier heel veel last van hebben. In een schoolklas zijn continu dergelijke prikkels, denk hierbij aan de TL-verlichting die in bijna elk klaslokaal brandt, een digibord, die ook bestaat uit een enorme (knipperende) lichtbron, een kind dat naar het toilet loopt, een tikkende klok, een langsrijdende auto, en nog honderd andere dingen die dagelijks in een schoolklas voorkomen. Een kind met asperger kan die prikkels niet “uit” zetten, en heeft dus van al die dingen last. Doordat ze zich zo niet op hun taak kunnen concentreren, met al die andere prikkels, en ze de taak wel willen maken, ontstaat ook hier frustratie die zich uit op de eerder beschreven manieren.

Verder zie je vaak ook motorisch dat deze kinderen anders bewegen, Houterig

Uit bovenstaande blijkt dat kinderen met Asperger op veel gebieden anders zijn dan de meeste andere, doorsnee kinderen. Veel volwassenen kunnen erover verbaasd staan hoe goed de kinderen zichzelf kunnen vermaken. Ze gaan op in hun eigen intresses, ze kunnen daarover goed nadenken, echter ze hebben wel de behoefte aan contact. Hun taalgebruik en sociale vaardigheden zijn anders. Kinderen merken dit op. Het komt vaak voor dat kinderen met Asperger slachtoffer worden van pesterijen. Sommige kinderen hebben niet door dat ze gepest worden. Ze beschouwen hun pesters als vrienden, immers ze geven aandacht, de degene die de aandacht geeft vervolgens achter zijn rug om het kind belachelijk maakt, of uitlacht. Andere kinderen met Asperger zijn zich wel degelijk bewust van de pesterijen. Die gaat zoeken wat er fout gedaan is. Vaak komen ze hier pas heel laat, of niet achter. Deze kinderen kunnen (net als alle andere kinderen die gepest worden) depressief worden van het pestgedrag. 

Andere kinderen met Asperger worden op latere leeftijd omschreven als modelburger. Regels die de kinderen zijn aangeleerd zullen ze strict opvolgen. Bijveerbeeld een kind nadert met zijn fiets een kruispunt, waar het geen voorrang heeft, Er staat daar op het kruispunt een auto stil, toch stopt het kind en wacht tot de auto doorrijdt. De auto heeft immers voorrang. Hier is het geen probleem voor de meeste mensen in de omgeving. Die regels gaan verder. Een ander voorbeeld die het probleem beter illustreert. Op school is de juf de baas. Je moet doen wat de juf zegt. De juf weet dat ze een kind met asperger heeft, dus ze stelt het kind een heel duidelijke opdracht op het moment dat er in de klas iets mis ging. “Je gaat hier op deze stoel zitten en je komt er niet vanaf voordat ik zeg dat je eraf mag.” Het kind zit er tien minuten, en moet naar de wc, heel nodig. De juf heeft gezegd dat hij niet van de stoel af mocht. Hij kan niet naar de wc zonder van de stoel af te gaan. Dus het kind plast in zijn broek. Hij mocht immers niet van de stoel af! 

De juf bedoelde het uiteraard niet op die manier. Het kind plaste ook niet in zijn broek om de juf te pesten, hij nam de regel letterlijk en hield zich eraan. Dit letterlijk nemen komt veel voor. Kinderen met Asperger luisteren juist heel goed. Zo goed dat ze daarmee gedragsproblemen vertonen. Door heel precies te doen wat er gezegd wordt. Ook kunnen ze gedragsproblemen vertonen bij minder gestructureerde opdrachten, opdrachten die ze zelfstandig moeten doen, of met samenwerken. Bij zelfstandige opdrachten moet een kind met Asperger eerst de logische volgorde en structuur uitvogelen, en dat lukt niet altijd. Om goed samen te werken heb je sociale vaardigheden nodig, als die minder ontwikkeld zijn, is samenwerken een stuk lastiger. Ongestructureerde opdrachten hebben minder structuur, dus die is voor een kind met Asperger een bron tot onrust, en al deze opdrachten kunnen tot frustraties bij het kind leiden.